mei 2004, José Post-Consent


Deze keer een interview met een lid in de Orde van Oranje-Nassau, José Post-Consent

Op donderdag 29 april 2004 heeft José Post uit handen van  burgemeester R.W. ter Avest in het Gemeentehuis te Beilen een Koninklijke Onderscheiding gekregen. Zij is hiermee benoemd tot lid in de Orde van Oranje Nassau.

En wat nog bijzonder maakte zij was de enige in de Gemeente Midden Drenthe  

Het leek ons nu een goed moment om eens meer te weten van deze bijzondere dame. Want hoe komt iemand zover om zich zo in te spannen.

De kontakt redacteuren gingen zodoende naar haar woning in ’t Vosseveen. De restanten van de slingers buiten waren enigszins nog zichtbaar. Binnen was bijna geen doorkomen aan omdat de woning vol stond met bloemen.

José gaf aan dat zij het nog steeds niet kon geloven maar er nu wel langzaam aan begon te wennen.

Nadat wij de heerlijke koffie met taart genuttigd hadden was het toch tijd om met de vragen te komen. Wij waren toch wel heel benieuwd naar haar verhaal. Vooraf hadden we al gehoord dat we er wel wat tijd voor uit moesten trekken want “als José eenmaal begint te praten!”  En inderdaad we hebben ons geen seconde hoeven te vervelen en kregen binnen twee uur materiaal om een heel boek te schrijven.

Echtgenoot Geert was natuurlijk ook aanwezig. In het begin hield hij zich nog op de achtergrond maar gaandeweg kregen wij van hem ook belangrijke informatie.

Dochter Bernice (16) was buiten ergens. 

We begonnen direct maar met het nemen van de foto’s. Geert dacht hieronder uit te komen. Echter wij vonden het toch wel belangrijk omdat dit José haar steun en toeverlaat is.  Geert en dochter hebben altijd een belangrijke rol gespeeld. José gaf aan dat de familie er achter moet staan als je veel vrijwilligerswerk doet.

Gelukkig hebben Geert en Bernice er altijd volledig achtergestaan. 

Bernice kent eigenlijk niet anders dan dat haar moeder met dingen bezig is. José geeft aan dat zij gedurende de zwangerschap en de eerste tijd na de geboorte wel even een pauze heeft genomen. 

We dwalen even af naar vroeger en stellen haar de vraag hoe zij hier nou precies is gekomen. We horen namelijk licht een Brabantse accent.  Het blijkt dat haar vader in 1961 uitvoerder was bij aannemersmaatschappij IBC.  Hij werd hier in Nieuw-Balinge geplaatst omdat de munitieopslag gebouwd moest worden. Kwamen oorspronkelijk uit Brabant. José was toen 16 jaar oud. Nadien hebben ze nog op verschillende plaatsen gewoond. Toen José 19 jaar was gingen haar ouders en zuster naar Suriname. José had ondertussen Geert leren kennen en wilde hem niet meer verliezen en koos ervoor om hier te blijven. In 1968 zijn zij getrouwd en kwamen in het Vosseveen te wonen. Het was voor Geert de 2e woning.  Zijn ouderlijk huis stond aan het Koolveen.  Al snel kreeg José het plan om weer iets te gaan doen. Vond het wel prettig om thuis te zitten maar had altijd gewerkt. Was gewend om dingen te regelen. Had eerder bij haar vader op het kantoor gewerkt als receptioniste en telefoniste en was wel gewend om hard te werken.

José geeft aan dat ze ook geen mens is om stil te zitten. De stoelen in de tuin staan dan ook regelmatig leeg.

Het begon eigenlijk allemaal met de Nederlandse Bond voor Plattelandsvrouwen. Kwam hier al snel in het bestuur. Werd al bij de 1e jaarvergadering gekozen.

Daarna kwam de organisatie van de feestweek. Wat toen de stichting zomerfeesten genoemd werd. (José moet nog even kwijt dat het jammerlijke is van het zomerfeest nu dat de grote plaatsen om ons heen ook diverse feesten gingen organiseren. Hierdoor haakten de sponsoren af en werd het financieel moeilijker.)

Hierna begint het ons te duizelen wat zij allemaal gedaan heeft.

Noemt dan even; de hartstichting(al 25 jaar gedaan, coördinator van de collectanten van het astmafonds) ook al 25 jaar, de toneelvereniging “VDO ”. We nemen even een adempauze en worden voorzien door Geert van drank en kaas. We vragen ons af hoeveel tijd daar allemaal in gaat zitten omdat dit ons inziens bijna een volledige werkweek lijkt. Geert helpt ons uit de brand en zegt dat er zeker gemiddeld 32 uur werk per week in gaat zitten. Met name in de periode van de feestweek.

José wordt ook regelmatig gebeld door mensen. Er zwerven ook altijd papieren door het huis. 

Het lijkt ons dat je dan wel een gezin moet hebben welke achter je staat. Dit blijkt ook het geval.  Geert geeft aan dat hij vroeger veel judoles gaf en dan zeker 4 avonden per week weg was. Zagen elkaar dan bij de maaltijd. Zijn er in zekere zin in gegroeid en weten niet beter.

José zegt dan ook dat haar ouders ook klaar stonden in de feestweek. Kwamen toen Bernice klein was speciaal uit Brabant om op te passen.  José heeft ook altijd gezegd dat als de familie er niet achter staat zij dan stopt. Gelukkig is dit nooit het geval geweest.

José laat ons ondertussen zien waar zij altijd zit. Zegt bijna altijd tussen de papieren te zitten. Ook staat de telefoon weinig stil.

Wij vragen ons ondertussen af waarin zij dan zo goed is. José vindt dat een moeilijke vraag. Denkt wel dat zij goed kan organiseren maar denkt dat veel mensen dit ook kunnen. Kan ook wel goed praten in het openbaar. Wij zeggen haar dat de onderscheiding wel genoeg zegt en dat ze eigenlijk niet bescheiden hoeft te reageren. José blijft nuchter en zegt er nogmaals bij dat zij het zeker niet allemaal alleen gedaan heeft.

Ze is ook altijd bezig om anderen in de picture zetten.  Na deze pauze gaat José weer verder met het opnoemen van de activiteiten welke zij gedaan heeft.  Zo zit zij ook in het dorpshuisbestuur, eerst als penningmeester maar later als voorzitter.

Verder is zij medeoprichtster van de supportersvereniging van de voetbal . Is secretaris van het Reumafonds geweest en is lid van Plaatselijk Belang.  Ook is zij actief geweest op de Meester Sieberingschool. Heeft nog een keer met de tienersoos meegedraaid maar kwam er toen achter dat zij dit beter niet kon doen om zodoende haar dochter meer vrijheid te gunnen.

Het blijkt namelijk ook dat zij nog een paar jaar in de raad voor de PVDA heeft gezeten. Moest hier mee stoppen omdat er twee zetels kwamen te vervallen.  Tussendoor heeft zij nog 15 jaar bij Philips gewerkt.

Wat zeer actueel was dat er een actiegroep was waarin zij zat welke zich ingezet heeft voor het  behoud van de brandweer in Nieuw Balinge. Helaas heeft dit geen positief resultaat gegeven.

We staan verbaasd wat zij allemaal gedaan heeft en nog steeds doet. Begrijpen dat het erg moeilijk moet zijn als José er mee zou stoppen. Het lijkt ons een heidenskarwei om in haar schoenen te staan. Beseffen nu pas wat er allemaal voor komt kijken en dat het bijna een soort roeping moet zijn om het leuk te blijven vinden. 

We dwalen weer af naar het moment dat José met een smoes naar het Gemeentehuis werd gelokt. Had er toen geen enkel idee van dat dit er allemaal achter zat. Dacht dat zij voor een bespreking met de burgemeester over het Dorpshuis moest komen en dat het iets met subsidies te maken had.

Totdat zij in de raadzaal kwam had ze niets in de gaten. Heeft nog een prettig gesprek met de burgemeester gevoerd maar begreep niet helemaal waarom dit nu moest. Pas toen zij alle genodigden zag in de raadzaal begon zij er iets van te begrijpen. Stond op dat moment even met de mond vol tanden. Iets wat zij van zichzelf niet gewend is. Ook het feest daarna vond zij fantastisch. Ook hier kon zij weer zien dat een klein dorp grote dingen kan doen.

Staat er nog van verbaasd dat zij er al die tijd er niets van heeft gemerkt.

José vond het prachtig dat haar vader dit nog kon meemaken. Hij was er namelijk ook bij de uitreiking aanwezig.

Trots laat José haar gouden armband zien welke zij van de diverse verenigingen en inwoners van Nieuw Balinge gekregen heeft.

Wanneer wij vertrekken geeft José nogmaals aan dat zij het zeker niet allemaal alleen gedaan heeft maar dat iedere vrijwilliger wel een lintje verdient.

Voldaan verlaten wij het huis en met de wetenschap dat José waarschijnlijk nu nog even in de papieren duikt om nog gauw even wat dingen te regelen waar zij vanavond niet meer is toegekomen.

De Redactie